Plus over het tiental: eerst naar 10
Bij 8 + 5 maak je eerst 10: 8 + 2 = 10. Van de 5 heb je dan nog 3 over, dus 10 + 3 = 13. Hier heb je de verliefde harten voor nodig (8 en 2 maken samen 10).
Min over het tiental: terug naar 10
Bij 13 − 5 ga je eerst terug naar 10: 13 − 3 = 10. Van de 5 moet er nog 2 af, dus 10 − 2 = 8.
Handige trucjes
- Dubbelen: 6 + 6 = 12, 7 + 7 = 14, 8 + 8 = 16. Ken je die, dan weet je ook 7 + 8: dat is 7 + 7 + 1 = 15.
- Plus 9: doe plus 10 en dan 1 terug. 6 + 9 = 6 + 10 − 1 = 15.
- Omdraaien: 3 + 9 is hetzelfde als 9 + 3. Begin bij het grootste getal.
Veelgemaakte fouten
Bij 13 − 5 schrijven kinderen soms 12, omdat ze 5 − 3 = 2 rekenen en het tiental laten staan. Het spel gebruikt zulke fouten bewust als fout antwoord, zodat je leert ze te herkennen.