Kies een tafel
Op de pagina van elke tafel staat het spel met alleen die tafel, de hele tafel op een rij, een trucje om hem te onthouden en een werkblad om te printen.
Tempotoets en diploma
Kun je de tafels al goed? Probeer dan de tempotoets: zoveel mogelijk goed in 60 seconden. En kleur je alle sommen op je tafelkaart, dan verdien je een kleurdiploma.
Kleur je tafelkaart
Elke som die je drie keer goed en snel beantwoordt, kleurt een vakje op je tafelkaart. Zo zie je precies welke sommen je al kent, en het spel geeft je vanzelf vaker de sommen die nog grijs zijn.
In welke volgorde leer je de tafels?
Op school beginnen kinderen met de makkelijkste tafels en bouwen ze daarop verder:
- De tafels van 1, 2, 5 en 10. Die hebben een duidelijk patroon: keer 1 verandert niets, keer 2 is verdubbelen, keer 10 is een 0 erachter en keer 5 is de helft daarvan.
- De tafels van 3 en 4. Die bouw je uit de vorige: keer 3 is keer 2 plus 1 keer, keer 4 is twee keer verdubbelen.
- De tafels van 6, 7, 8 en 9. Hier helpen trucjes het meest, zoals de vingertruc bij de tafel van 9.
- De tafels van 11 tot en met 20. Voor wie de tafels tot 10 kent: splits het getal, bijvoorbeeld 14 × 6 = 10 × 6 + 4 × 6.
Welke tafels in welke groep?
- Groep 4: de tafels van 1, 2, 5 en 10, en vaak ook al 3 en 4.
- Groep 5: alle tafels tot en met 10, en daarna de deeltafels.
- Groep 6: de tafels automatiseren, dus snel en zonder na te denken, en grotere keersommen.
- Groep 7 en 8: de tafels bijhouden en gebruiken bij breuken, verhoudingen en procenten.
Tafels en keersommen: wat is het verschil?
Er is geen verschil. Een keersom zoals 6 × 7 is een som uit de tafel van 6 (en uit de tafel van 7). De tafels van vermenigvuldiging zijn alle keersommen van een getal op een rij.
Moeite met tafels leren?
Veel kinderen vinden de tafels lastig, en dat is heel normaal. Wat helpt:
- Kort en vaak. Elke dag vijf minuten werkt beter dan een uur per week.
- Eerst begrijpen, dan stampen. Laat zien waarom 7 × 4 = 28, bijvoorbeeld met verdubbelen. Daarna gaat onthouden veel makkelijker.
- Eén tafel tegelijk. Oefen een nieuwe tafel eerst los, en daarna door elkaar met de tafels die je al kent.
- Let op de lastige sommen. Het spel laat aan het eind zien welke sommen nog even oefenen nodig hebben, en laat een fout gemaakte som later terugkomen.